ECLI:NL:HR:2026:140
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 20 juni 2025, betreffende verzet tegen een eerdere uitspraak van 1 oktober 2024. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en geconstateerd dat het beroep duidelijk niet kan slagen.
De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft een advies uitgebracht, waarna de Hoge Raad heeft besloten het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen.
Het arrest is op 30 januari 2026 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Boerlage, van der Voort Maarschalk en van Roij, waarbij tevens de waarnemend griffier Van Kampen aanwezig was.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.