ECLI:NL:HR:2026:247
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verkorting maximale looptijd 30%-regeling loonbelasting
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam inzake de inhouding van loonbelasting over de eerste helft van 2021. De zaak betrof de toepassing van de 30%-regeling, waarbij de maximale looptijd was verkort, ook al was eerder een beschikking met een langere looptijd afgegeven.
De Hoge Raad overwoog dat de verkorting van de maximale looptijd van de 30%-regeling rechtmatig is en dat dit ook geldt in gevallen waarin eerder een beschikking met een langere looptijd is verleend. Daarbij werden de zorgvuldigheids-, rechtszekerheids-, evenredigheids- en gelijkheidsbeginselen betrokken in de beoordeling.
Het cassatieberoep werd ongegrond verklaard, waarbij de Hoge Raad zich aansloot bij de motivering in een gelijktijdig arrest (ECLI:NL:HR:2026:124). Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee staat vast dat de looptijd van de 30%-regeling niet onherroepelijk vaststaat indien geen bezwaar is gemaakt tegen de beschikking.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de verkorting van de maximale looptijd van de 30%-regeling bevestigd.