ECLI:NL:HR:2026:601
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep ongegrond inzake belastingaanslagen 2018 en 2019
Belanghebbende heeft cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen belastingaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen voor de jaren 2018 en 2019 heeft behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de klachten geen vragen opriepen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de raadsheren Feteris, Boerlage en Van der Voort Maarschalk en in het openbaar uitgesproken op 10 april 2026.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het gerechtshof bevestigd.