ECLI:NL:HR:2026:834
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt oordeel over indexeringspercentages bij WOZ-waardering
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin het hoger beroep tegen een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) en aanslagen onroerendezaakbelastingen en watersysteemheffing werd behandeld.
Het geschil betrof de toepassing van indexeringspercentages op verkoopprijzen van vergelijkingsobjecten bij de waardering van onroerende zaken. Het Hof oordeelde dat deze indexeringspercentages niet onder de reikwijdte van artikel 40, lid 2, Wet WOZ vallen. Belanghebbende stelde hiertegen een middel in cassatie voor, dat de Hoge Raad echter niet ontvankelijk achtte omdat de indexeringspercentages reeds in de bezwaarfase waren verstrekt.
De overige klachten van belanghebbende werden eveneens door de Hoge Raad beoordeeld, maar leidden niet tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het hofarrest blijft in stand.