Uitspraak
1.Procesverloop
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
5 juni 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak staat centraal de vraag of het hof het verzoek tot een voorlopig getuigenverhoor mocht wijzigen zonder de verzoeker in de gelegenheid te stellen inhoudelijk op de wijziging te reageren. De verzoeker had een arbeidsovereenkomst met Tradin Organic Agriculture B.V. waarin een non-concurrentiebeding was opgenomen. Tradin verzocht om het horen van tien contactpersonen van (voormalige) klanten als getuigen in verband met een mogelijke overtreding van dit beding.
De kantonrechter wees dit verzoek af, waarna Tradin hoger beroep instelde. Tijdens de mondelinge behandeling werd het verzoek gewijzigd tot het horen van vier specifiek genoemde personen, waarvan drie nieuw waren. De verzoeker maakte bezwaar tegen deze wijziging en verzocht om de mogelijkheid tot reactie. Het hof stond de wijziging toe, oordeelde dat dit niet in strijd was met de goede procesorde en de tweeconclusie-leer, en wees het bezwaar af.
De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof het beginsel van hoor en wederhoor heeft geschonden door de verzoeker niet toe te laten zich inhoudelijk uit te laten over de gewijzigde getuigenlijst. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het gerechtshof Den Haag voor verdere behandeling. Tradin wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest wegens schending van het hoor en wederhoor-beginsel en verwijst de zaak voor verdere behandeling.