ECLI:NL:HR:2026:866
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening van arrest Hoge Raad afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid
De Hoge Raad heeft op 5 juni 2026 het verzoek om herziening van het arrest van 19 september 2025 beoordeeld. Het verzoek was ingediend door [X] en betrof een zaak binnen het bestuurs- en belastingrecht. Na beoordeling en advies van de procureur-generaal is geconcludeerd dat het verzoek duidelijk niet kan slagen.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad besloten het verzoek zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren. Er is geen aanleiding gezien om de verzoeker te veroordelen in de proceskosten.
Het arrest is gewezen door de vice-president M.E. van Hilten als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt en M.A. Fierstra, en in het openbaar uitgesproken op 5 juni 2026.
Uitkomst: Het verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere motivering.