ECLI:NL:HR:2026:957
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over parkeerbelasting bij laden en lossen pakketbezorger
Belanghebbende was op 28 januari 2022 werkzaam als pakketbezorger en parkeerde zijn auto op een locatie in Rotterdam waar parkeerbelasting verschuldigd was. Omdat geen parkeerbelasting was betaald, legde de gemeente Rotterdam een naheffingsaanslag op.
Het Hof Den Haag oordeelde dat het stilstaan van de auto viel onder het begrip 'onmiddellijk laden en lossen', omdat belanghebbende op die dag 89 pakketten van verschillende omvang en gewicht bezorgde. Het Hof vond dat het totaal van de pakketten zodanig was dat vervoer per auto noodzakelijk was, waardoor geen parkeerbelasting verschuldigd was.
De Hoge Raad vernietigt dit oordeel en verwijst de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor nader onderzoek naar de omvang en het gewicht van de pakketten tijdens het stilstaan van de auto. De Hoge Raad benadrukt dat de stelplicht en bewijslast hiervoor bij belanghebbende liggen.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en verklaart het cassatieberoep gegrond. De zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard, het arrest van het Hof vernietigd en de zaak verwezen voor nader onderzoek naar omvang en gewicht van de pakketten.