ECLI:NL:OGEAA:2015:271

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
26 augustus 2015
Publicatiedatum
9 september 2015
Zaaknummer
A.R. no. 1200 van 2015
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 41 ProcesreglementArt. 42 Procesreglement
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beslissing over bezwaar tegen weigering re- en dupliek in civiele bodemzaak

In deze civiele bodemzaak heeft eiseres verzocht om geen gelegenheid te geven voor re- en dupliek, zoals bedoeld in artikel 41 e.v. van het Procesreglement. Gedaagde maakte hiertegen schriftelijk bezwaar tijdens de rolzitting van 19 augustus 2015.

Het gerecht oordeelde dat het bezwaar tijdig en gegrond was omdat eiseres haar stellingen onvoldoende had gesubstantieerd en niet adequaat was ingegaan op de voorzienbare verweren van gedaagde. Hierdoor werd het verzoek van eiseres afgewezen.

De beslissing werd uitgesproken op 26 augustus 2015 door rechter M. Schoemaker, waarbij werd bevestigd dat gedaagde de mogelijkheid behoudt om een conclusie van antwoord te nemen, ondanks dat gedaagde direct peremptoir staat.

Uitkomst: Het bezwaar van gedaagde wordt gegrond verklaard en de mogelijkheid tot conclusie van antwoord blijft gehandhaafd.

Uitspraak

Beschikking van 26 augustus 2015
Behorend bij A.R. no. 1200 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
Beschikking ex artikel 42 Procesreglement Pro in de zaak van:
Alacord Investment A.V.V., gevestigd te Aruba,
gemachtigde mr. D.G. Kock,
tegen:

Gedaagde, wonende te Aruba,

gemachtigde mr. J.A.R. Bryson
Eiseres heeft verzocht om in de onderhavige zaak, die voor het eerst op de rolzitting van 19 augustus 2015 is uitgeroepen, te bepalen dat geen gelegenheid zal worden gegeven voor re- en dupliek, een en ander zoals bedoeld in artikel 41 e.v. Procesreglement. Gedaagde heeft daartegen op voornoemde rolzitting schriftelijk bezwaar gemaakt.
Het bezwaar is tijdig ingediend en gegrond. Gedaagde heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat eiseres in haar verzoekschrift haar stellingen niet voldoende heeft gesubstantieerd en zij niet voldoende is ingegaan op voorzienbare verweren van gedaagde, zoals nader toegelicht door gedaagde.
Dit leidt tot de volgende beslissing.

Beslissing

Verklaart het bezwaar van gedaagde gegrond en handhaaft dat op de rolzitting van
woensdag 16 september 2015 te 8.30 uurgelegenheid bestaat voor het nemen van een conclusie van antwoord, evenwel
zonderdat gedaagde direct peremptoir staat.
Gegeven en uitgesproken ter openbare zitting door mr. M. Schoemaker, rechter, in tegenwoordigheid van de griffier op 26 augustus 2015.