Uitspraak
1.Gedaagde sub 1,
Gedaagde sub 2,
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Eiseres, ABN AMRO BANK N.V., heeft een krediet verstrekt aan gedaagde sub 2 en diens echtgenote op basis van een schriftelijke kredietovereenkomst. Eiseres vorderde betaling van een openstaande hoofdsom van €3.788,66 vermeerderd met rente en incassokosten.
Gedaagde sub 2 voerde verweer dat hij geen lening had afgesloten en geen draagkracht had. Gedaagde sub 1 werd door eiseres ten onrechte in rechte betrokken en verzocht om royement van de procedure tegen haar.
Het gerecht oordeelde dat de vordering jegens gedaagde sub 1 wordt afgewezen omdat zij heeft geantwoord en geen akkoord gaf voor intrekking. De hoofdsom en rente jegens gedaagde sub 2 zijn voldoende onderbouwd en worden toegewezen. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen omdat eiseres dit niet voldoende heeft onderbouwd.
Gedaagde sub 2 wordt veroordeeld tot betaling van €7.166,43 plus contractuele rente vanaf 17 december 2015. Tevens wordt hij veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van eiseres. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van gedaagde sub 1.
Uitkomst: Gedaagde sub 2 wordt veroordeeld tot betaling van hoofdsom en rente, incassokosten worden afgewezen, vordering tegen gedaagde sub 1 wordt afgewezen.