ECLI:NL:OGEAA:2016:924

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
28 december 2016
Publicatiedatum
12 januari 2017
Zaaknummer
K.G. no. 2916 van 2016
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 555 RvArt. 556 RvArt. 557 RvArt. 444 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming en betaling huurachterstand appartement te Aruba

Eiser verhuurt sinds juli 2014 een appartement te Aruba aan gedaagde tegen een maandelijkse huurprijs van Afl. 850,--. Door achterstanden in huurbetalingen, oplopend tot Afl. 5.667,99, heeft eiser gedaagde meerdere keren gesommeerd tot betaling en ontruiming van het gehuurde.

Na toestemming van de Huurcommissie om de huurovereenkomst te beëindigen, heeft eiser de overeenkomst opgezegd. Gedaagde weigerde ondanks sommatie de woning te ontruimen. Tijdens de mondelinge behandeling in kort geding verscheen eiser wel, gedaagde niet; verstek werd verleend.

De rechter beveelt gedaagde binnen een week na betekening het pand te ontruimen en in goede staat achter te laten, veroordeelt tot betaling van de huurachterstand met wettelijke rente, en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De gevorderde machtiging voor ontruiming en dwangsommen wordt afgewezen omdat de deurwaarder bevoegd is tot gedwongen ontruiming en het inschakelen van politie zonder rechterlijke machtiging.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming binnen een week en betaling van de huurachterstand met wettelijke rente.

Uitspraak

Vonnis van 28 december 2016
K.G. no. 2916 van 2016
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
Vonnis in kort geding tussen:
[X],
wonende in Aruba,
eiser,
procederende in persoon,
en
[Y],
wonende in Aruba,
GEDAAGDE,
niet verschenen.

1.DE PROCEDURE

1.1
Eiser heeft op 24 november 2016 een verzoekschrift met producties ingediend.
1.2
Tijdens de mondelinge behandeling van 15 december 2016 is eiser in persoon verschenen. Gedaagde was niet verschenen. Omdat gedaagde niet was opgeroepen op het adres waar hij staat ingeschreven, werd de wederoproeping van gedaagde op het bevolkingsadres gelast.
1.3
Tijdens de voortzetting van de mondelinge behandeling op 22 december 2016 is eiser wederom in persoon verschenen. Aan gedaagde, die ondanks behoorlijke oproep wederom niet was verschenen, is verstek verleend.
1.4
Vonnis is bepaald op heden.

2.DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1
Eiser verhuurt aan gedaagde sedert 15 juli 2014 een appartement, plaatselijk bekend als [adres] appartement [nummer], te Aruba, tegen een maandelijkse huurprijs van Afl. 850,--.
2.2
Ten tijde van het indienen van het verzoekschrift was een achterstand ontstaan in de betaling van de huurpenningen en lasten ter hoogte van Afl. 4.721,15. Inmiddels bedraagt de achterstand Afl. 5.667,99.
2.3
Eiser heeft gedaagde verschillende keren gesommeerd om de huurachterstand te voldoen.
2.4
Ondanks sommatie, laat gedaagde na de huurachterstand te betalen.
2.5
Bij beschikking van de Huurcommissie van 18 oktober 2016 is aan eiser toestemming verleend om de huurovereenkomst met gedaagde op te zeggen c.q. te beëindigen. Eiser heeft de huurovereenkomst vervolgens opgezegd.
2.6
Ondanks sommatie bij brief van 2 november 2016, weigert gedaagde de woning te ontruimen.

3.DE VORDERING

Eiser vordert dat het gerecht zoveel mogelijk bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
- gedaagde beveelt om binnen een week na het vonnis in deze zaak het pand te ontruimen en in goede staat achter te laten, desnoods met behulp van de sterke arm;
- gedaagde veroordeelt tot betaling van de huurachterstand ter waarde van Afl. 4.721,15, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van opeisbaarheid van elk huurtermijn tot aan de dag van volledige voldoening;
- te dezen een aanvullende schadevergoeding bepaalt die het gerecht billijk en redelijk acht;
- bepaalt dat gedaagde ten behoeve van eiser een dwangsom verbeurt van Afl. 500,-- per dag dat hij het ontruimingsbevel niet nakomt;
- gedaagde veroordeelt in de proceskosten.

4.DE BEOORDELING

4.1
Het spoedeisend belang van eiser bij zijn vorderingen ligt besloten in de aard van die vorderingen.
4.2
Gedaagde heeft de vorderingen van eiser en de daaraan ten gronde gelegde stellingen niet bestreden. Die vorderingen, die overigens onrechtmatig noch ongegrond voorkomen, zullen daarom worden toegewezen met inachtneming van het volgende.
4.3
Uit het eerste lid van artikel 556 Rv Pro. volgt dat eiser de ontruiming niet zelf ter hand mag nemen en dat gedwongen ontruiming het exclusieve terrein is van de deurwaarder. Eiser heeft voldoende aan dit vonnis om de deurwaarder te mogen inschakelen als gedaagde niet vrijwillig tot nakoming van de uit dit vonnis voortvloeiende verplichting tot ontruiming overgaan. In het licht daarvan heeft eiser dus geen machtiging nodig om de ontruiming zelf te doen bewerkstelligen. Voorwaarde is dat het ontruimingsvonnis door de deurwaarder aan gedaagde wordt betekend, en dat aan hem overeenkomstig het bepaalde in artikel 555 Rv Pro. bevel wordt gedaan om binnen drie dagen te ontruimen. De deurwaarder op zijn beurt behoeft geen rechterlijke machtiging om bevoegd te zijn de hulp van de sterke arm van politie en justitie in te roepen indien gedaagde medewerking aan de ontruiming weigert. Die bevoegdheid ontleent de deurwaarder immers rechtstreeks aan artikel 557 Rv Pro., waarin artikel 444 Rv Pro. van overeenkomstige toepassing wordt verklaard. Voorziet de deurwaarder problemen, dan kan hij op voet van (strekking en geest van) de Algemene Politieverordening - zonder dat daartoe rechterlijke machtiging nodig is - bijstand van de politie inroepen. In het licht van voorgaande heeft eiser dan ook geen belang bij de verzochte machtiging en dwangsommen.
4.4
Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van eiser, tot aan deze uitspraak begroot op (450,-- + 170,78 + 181,13 =) Afl. 801,91 aan verschotten.

5.DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht, recht doende in kort geding:
5.1
beveelt gedaagde om het gehuurde aan de [adres] appartement [nummer] te Aruba binnen een week na betekening van dit vonnis te ontruimen en in goede staat achter te laten;
5.2
veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiser van een bedrag van Afl. 4.721,15, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf opeisbaarheid van elke huurtermijn tot aan de dag der algehele voldoening;
5.3
veroordeelt gedaagde in de kosten van deze procedure, gevallen aan de zijde van eiser, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 801,91 aan verschotten;
5.4
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
5.5
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Schoemaker, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 december 2016 in aanwezigheid van de griffier.