Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
5.PROCESKOSTENVERGOEDING EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen aanslagen inkomstenbelasting en premieheffing AZV over het jaar 2012, alsmede tegen een verzuimboete opgelegd wegens het niet tijdig doen van aangifte. De Inspecteur had de aanslagen vastgesteld op basis van een belastbaar inkomen van Afl. 62.466 en een premie-inkomen van Afl. 67.350.
Belanghebbende stelde dat een bedrag aan loonbelasting van Afl. 4.825 als voorheffing verrekend moest worden met de aanslag inkomstenbelasting, waardoor deze nihil zou worden. Het Gerecht oordeelde dat belanghebbende niet had bewezen dat loonbelasting was ingehouden, mede omdat er geen arbeidsovereenkomst was en de verlaging van het honorarium niet was bedoeld als inhouding voor loonbelasting. Ook was belanghebbende niet te goeder trouw in deze kwestie.
Ten aanzien van de premieheffing AZV oordeelde het Gerecht dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de NV premie AZV had ingehouden. Wel werd de aanslag premieheffing AZV verminderd tot Afl. 7.522 op basis van correcties in het premie-inkomen. De verzuimboete van Afl. 250 werd gehandhaafd omdat de aangifte te laat was ingediend. Het Gerecht wees het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting en de verzuimboete af, verklaarde het beroep tegen de premieheffing AZV gegrond en droeg de Inspecteur op het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Beroep tegen aanslag premieheffing AZV gegrond, aanslag verminderd; beroep tegen aanslag inkomstenbelasting en verzuimboete ongegrond.