ECLI:NL:OGEAA:2020:283

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
7 juli 2020
Publicatiedatum
15 juli 2020
Zaaknummer
AUA202000334
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:253n BW Aruba
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging gezamenlijk gezag door vader die Aruba verliet zonder contactgegevens achter te laten

De moeder verzocht het gerecht om het gezamenlijk gezag over haar minderjarige kind te beëindigen en het gezag aan haar toe te kennen. De vader, die het gezag mede droeg, is zonder mededeling Aruba verlaten en heeft geen contactgegevens achtergelaten, waardoor communicatie tussen ouders volledig ontbreekt.

De procedure omvatte een verzoekschrift, producties van de moeder, een minderjarigenverhoor en een mondelinge behandeling waarbij de vader niet verscheen. Het gerecht oordeelde dat de communicatieproblemen en het feit dat de vader het gezag feitelijk niet uitoefent, een onaanvaardbaar risico voor het welzijn van het kind vormen.

Op grond van artikel 1:253n BW Aruba en jurisprudentie van de Hoge Raad werd het gezamenlijk gezag beëindigd en het gezag aan de moeder toegekend. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en elke partij draagt haar eigen kosten.

Uitkomst: Het gezamenlijk gezag wordt beëindigd en het gezag wordt aan de moeder toegekend.

Uitspraak

Beschikking van 7 juli 2020
behorend bij EJ nr. AUA202000334
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van
[naam moeder],
wonende in Aruba,
verzoekster, hierna de moeder,
gemachtigde: de advocaat mr. N.S. Gravenstijn,
tegen:
[naam vader],
verweerder, hierna de vader,
zonder bekende woon- en/of verblijfplaats,
niet verschenen.
Belanghebbenden:
[naam minderjarige], geboren op [geboortedatum] in Nederland,
de minderjarige.

1.DE PROCEDURE

1.1
De procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift ingediend op 3 februari 2020,
  • de producties zijdens de moeder, ingediend op 28 mei 2020;
  • het minderjarigenverhoor van 2 juni 2020;
  • de mondelinge behandeling ter zitting van 2 juni 2020, in aanwezigheid van de moeder in persoon bijgestaan door haar gemachtigde en de heer [naam raadsonderzoeker] namens de Voogdijraad. De vader heeft geen verweerschrift ingediend en is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen.
1.2
De uitspraak is bepaald op heden.

2.DE FEITEN

2.1
Uit de relatie tussen partijen is op 18 januari 2009 in Nederland geboren de minderjarige [naam minderjarige] (hierna: de minderjarige). De minderjarige is door de vader erkend.
2.2
Partijen zijn op 26 april 2011 in Aruba met elkaar getrouwd.
2.3
Bij beschikking van dit Gerecht van 19 juni 2017 (EJ 713-2017) is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken. Conform de verklaring van de griffier van 2 augustus 2017 is bedoelde beschikking in kracht van gewijsde gegaan op 1 augustus 2017.
2.4
Bij beschikking van dit Gerecht van 19 februari 2018 (EJ 713-2017/AUA201700600) is onder meer bepaald dat partijen gezamenlijk belast blijven met de uitoefening van het gezag over de minderjarige en dat partijen moeten deelnemen dan wel ten volle meewerken aan mogelijke door of vanwege de Voogdijraad te geven communicatiebegeleiding.
2.5
De vader heeft zich op 16 oktober 2019 uit het bevolkingsregister van Aruba laten uitschrijven, met als plaats van bestemming: Nederland.

3.HET VERZOEK

3.1
Het verzoek strekt ertoe dat het Gerecht, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking, het gezag wijzigt, in die zin dat de moeder voortaan alleen met het ouderlijk gezag over de minderjarige wordt belast.
3.2
Ter onderbouwing van haar verzoek heeft de moeder gesteld dat de communicatie tussen partijen met de tijd is verslechterd en dat er reeds jaren geen enkele vorm van communicatie is tussen de ouders, dat de vader reeds jaren verzuimd heeft enige medewerking te verlenen aan alles wat moeder verzocht heeft, waaronder de medewerking tot het vernieuwen van het paspoort van de minderjarige, zodat de minderjarige thans niet in het bezit is van een geldig reisdocument. Verder heeft de moeder gesteld dat partijen al jaren geen enkele invulling hebben gegeven aan het gezamenlijk gezag en dat dit niet in het belang is van de minderjarige, en dat de vader zonder enige mededeling aan de moeder Aruba heeft verlaten, zonder achterlating van enige contactgegevens, zodat moeder niet in staat is om contact met vader op te nemen over de minderjarige.

4.DE BEOORDELING

4.1
Ingevolge artikel 1:253n van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BW) kan de rechter op verzoek van de niet met elkaar gehuwde ouders of een van hen het gezamenlijk gezag beëindigen, indien nadien de omstandigheden zijn gewijzigd of bij het nemen van de desbetreffende beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. Het Gerecht overweegt dat slechts in uitzonderingsgevallen kan worden aangenomen dat het belang van het kind vereist dat een van de ouders met het gezag wordt belast, zoals met name indien de (communicatie)problemen tussen de ouders zodanig ernstig zijn dat er een onaanvaardbaar risico bestaat dat het kind bij gezamenlijk gezag van de ouders klem of verloren raakt tussen de ouders en niet te verwachten valt dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering komt. (HR 18 maart 2005, LJN AS8525; vgl. HR 10 september 1999, NJ 2000, 20).
4.2.
Uit de stukken en het verhandelde ter zitting is gebleken dat de vader zonder de moeder te berichten Aruba heeft verlaten en dat er nu geen enkele vorm van communicatie is tussen de ouders. De moeder heeft geen contactgegevens van de vader. Naar het oordeel van het Gerecht bestaat er, nu de vader het gezag feitelijk niet uitoefent, een onaanvaardbaar risico dat de minderjarige bij voortzetting van het gezamenlijk gezag klem of verloren zal raken. In dit geval vereist het belang van de minderjarige dat de moeder met het gezag over haar wordt belast.

5.DE BESLISSING

Het gerecht:
beëindigt het gezamenlijk gezag van [naam vader] en [naam moeder] over de minderjarige [naam minderjarige], geboren op [geboortedatum] in Nederland,
bepaalt dat het gezag over voornoemde minderjarige voortaan alleen aan de moeder, [naam moeder], toekomt,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,
compenseert de kosten, in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt,
wijst af het anders of meer verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter in dit gerecht, ter zitting van 7 juli 2020 in aanwezigheid van de griffier.