Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE FEITEN
3.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
5. verweerster te veroordelen in de proceskosten en de kosten van dit kort geding.”
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze kortgedingprocedure vordert eiseres, dochter van gedaagde, opheffing van een conservatoir loonbeslag dat gedaagde heeft gelegd wegens een geschil over de koopprijs van een woning. Eiseres stelt dat partijen een lagere koopprijs van Afl. 60.000,- zijn overeengekomen, terwijl de notariële akte en schuldbekentenis een koopsom van Afl. 100.000,- vermelden. Zij heeft reeds betalingen en verbouwingskosten aangevoerd die haar stelling ondersteunen.
Het Gerecht overweegt dat de notariële akte en schuldbekentenis een sterke aanwijzing vormen voor de overeengekomen koopsom van Afl. 100.000,-. De door eiseres overgelegde Whatsappberichten bieden onvoldoende context om een lagere koopprijs aan te nemen. Er is dan ook geen summier bewijs van ondeugdelijkheid van de vordering van gedaagde.
Daarnaast heeft eiseres onvoldoende concreet gemaakt dat het beslag haar levensonderhoud bedreigt. De financiële situatie is niet voldoende inzichtelijk gemaakt en de berekeningen van gedaagde zijn niet weersproken. De belangenafweging leidt daarom niet tot opheffing van het beslag.
Het Gerecht wijst de vordering af, veroordeelt eiseres in de proceskosten en verleent gedaagde toestemming om kosteloos te procederen.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van het conservatoir loonbeslag wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van ondeugdelijkheid van de vordering en onvoldoende onderbouwing van belangenafweging.