ECLI:NL:OGEABES:2016:12
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vastgoedbelasting tweede woning op Bonaire niet in strijd met EVRM
Belanghebbende, eigenaar van een tweede woning op Bonaire, betwistte de aanslag vastgoedbelasting over 2014. Zij stelde dat de heffing in strijd is met het ongestoord genot van eigendom (artikel 1 Eerste Pro Protocol EVRM) en het discriminatieverbod (artikel 14 EVRM Pro). Tevens voerde zij aan dat zij slechts maximaal 180 dagen per jaar gebruik kan maken van de woning, waardoor een gebruiksfactor toegepast zou moeten worden.
Het Gerecht stelde vast dat de aanslag gebaseerd is op een forfaitair rendement van 4% van de vastgestelde waarde van de woning en dat de wetgever een ruime beoordelingsmarge heeft bij het bepalen van fiscale faciliteiten. De forfaitaire heffing is bedoeld als vervanging van de winstbelasting en is niet in strijd met het eigendomsrecht, ook niet gezien het feit dat belanghebbende de woning niet verhuurt.
Verder oordeelde het Gerecht dat er geen sprake is van ongeoorloofde discriminatie omdat de vastgoedbelasting ook geldt voor binnen de BES-eilanden wonende eigenaren van tweede woningen en de vrijstellingen gerechtvaardigd zijn. Het beroep op een gebruiksfactor faalt omdat de heffing gebaseerd is op het forfaitaire rendement en niet op daadwerkelijk gebruik.
Het Gerecht verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de aanslag vastgoedbelasting. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: De aanslag vastgoedbelasting op de tweede woning wordt gehandhaafd en het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.