Uitspraak
1.De verdachte heeft ter terechtzitting het volgende verklaard:
De verdenking over de hennepkwekerij begrijp ik niet. Ik heb deze planten voor eigen gebruik. In 2019 ben ik begonnen met CBD tegen mijn angstaanvallen. Ik heb vrienden in Nederland gevraagd om zaadjes op te sturen. Toen ben ik begonnen met kweken.. [3]
Op 17 oktober 2023 werd de verdachte [medeverdachte] op heterdaad aangehouden. De verdachte reed als bijrijder in een Toyota Hilux pick-up wit van kleur, voorzien van het kentekennummer [kentekennummer 1].” [6]
1 boterhamzakje en 3 vacuümzakken, inhoudende gezien de samenstelling, kleur en geur, op marihuana gelijkend kruid. Deze zakjes hebben wij gewaarmerkt met letter A t/m D. Deze zakjes hebben wij afzonderlijk gewogen:
1 glazen pot, inhoudende gezien de samenstelling, kleur en geur, een op marihuana gelijkend kruid. Brutogewicht: 18,0 gram.
A: Ik gebruik wiet. Ik koop via vrienden, maar ook via een man genaamd [roepnaam verdachte].
17.De getuige [getuige 6] heeft op 11 december 2023 bij de politie verklaard:
‘heeft verkocht en/of afgeleverd en/of vervoerd en/of in bezit en/of aanwezig heeft gehad’. In artikel 4 lid 1 onder Pro A en B van de Opiumwet 1960 BES wordt slechts het invoeren, uitvoeren, doorvoeren, bezitten, aanwenden of aanwezig hebben verboden en dit wordt vervolgens strafbaar gesteld bij artikel 11 van Pro de Opiumwet 1960 BES. Het verkopen van hennep is dus niet strafbaar gesteld in de Opiumwet 1960 BES. De wetgever is vermoedelijk vergeten om dit op te nemen in de wet. Het gaat het Gerecht te ver om deze leemte in de wet te herstellen door het verkopen van hennep toch strafbaar te achten. Het is de taak van de wetgever om dit te herstellen.
plausible explanation’voor het ontstane letsel bij verdachte gegeven, anders dan dat de telefoon moest worden ontgrendeld. Voor het Gerecht is onduidelijk wat de noodzaak is geweest om per direct onder dwang de telefoon te moeten ontgrendelen. De telefoon was al in beslag genomen en verdachte was aangehouden. Er was geen tijdsdruk in de zin dat eventueel bewijs op de telefoon verloren kon gaan. Mogelijk was het gebruik van geweld in het geheel niet nodig geweest, als men een paar dagen had gewacht en verdachte dan opnieuw had gevraagd om zijn telefoon te ontgrendelen, in bijzin van zijn advocaat en in de rustige situatie van een verhoor.
ill-treatment, oftewel disproportioneel geweld, verder wordt versterkt.
‘one man army’.Daarnaast heeft de verdediging, zoals hierboven uiteen gezet, bepleit dat strafvermindering moet plaatsvinden vanwege schending van artikel 3 EVRM Pro.
- Toyota Hilux, kenteken [kentekennummer 1] (eigenaar: vader van verdachte)
- Dodge Ram, kenteken [kentekennummer 2] (eigenaar: moeder van verdachte)
- Vaartuig, Seadoo [kentekennummer 3] (eigenaar: medeverdachte [mederverdachte])
gevangenisstrafvoor de
35 maanden;
12 maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd, van
3 jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of gedurende die proeftijd de hierna te melden bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;