Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
“niet nader te noemen in Nederland woonachtige belastingplichtigen”.
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Financiën van Curaçao om internationale belastinginformatie te verstrekken aan Nederland, naar aanleiding van een verzoek op grond van artikel 37 van Pro de Belastingregeling voor het Koninkrijk. Het verzoek betrof informatie over de feitelijke leiding van een vennootschap en was reeds uitgevoerd.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of de Minister de informatie mocht uitwisselen, waarbij belanghebbende stelde dat sprake was van schending van beginselen van behoorlijk bestuur, een fishing expedition en niet-naleving van het uitputtingsbeginsel. De Minister voerde aan dat het besluit rechtmatig was genomen.
Het Gerecht oordeelde dat het besluit reeds onherroepelijke gevolgen had doordat de informatie was verstrekt, waardoor belanghebbende geen belang meer had bij nietigverklaring of vernietiging. Ook stelde belanghebbende geen schade vast door vermeend onrechtmatig handelen, waardoor het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Een principiële uitspraak werd niet toegekend omdat daarvoor geen rechtens te respecteren belang bestond.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen het besluit tot uitwisseling van belastinginformatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.