Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De vaststaande feiten
3.De vorderingen en het verweer
“bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad en op de minuut op alle dagen en uren:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
De bank had in 2014 geld uitgeleend aan de geëxecuteerde vennootschap, die in verzuim was geraakt met terugbetaling. De bank wilde twee onroerende zaken executoriaal veilen op 8 december 2017. De geëxecuteerde verzocht het gerecht om de veiling te staken of aan te houden vanwege het feit dat de totale waarde van de onroerende zaken en handelsdebiteuren ruim voldoende was om de schuld te voldoen en dat executieveilingen vaak leiden tot kapitaalvernietiging.
Tijdens de procedure werd vastgesteld dat de bank het recht had om te executeren, maar het geschil draaide om de vraag of de bank misbruik maakte van haar bevoegdheid door niet te wachten op de uitkomst van de incasso van handelsdebiteuren. De bank had de geëxecuteerde toegestaan om gedurende zes maanden de incasso zelf te verzorgen, terwijl de directeur van de geëxecuteerde bereid was maandelijks een bedrag af te lossen.
Het gerecht oordeelde dat de bank misbruik maakte van haar bevoegdheid door beide onroerende zaken tegelijk te veilen en niet gefaseerd te werk te gaan. Daarom werd de veiling van één onroerende zaak voor zes maanden verboden, ingaande 22 november 2017, met een dwangsom bij overtreding. Proceskosten werden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: De bank is verboden de executoriale veiling van een onroerende zaak voor zes maanden voort te zetten wegens misbruik van bevoegdheid.