Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
3.GESCHIL EN STANDPUNTEN PARTIJEN
4.BEOORDELING VAN HET BEROEP
Ontvankelijkheid beroep
5.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende ontving een voorlopige aanslag premie algemene verzekering bijzondere ziektekosten (AVBZ) over 2015, gebaseerd op eerdere inkomensgegevens. Na bezwaar en beroep vernietigde de Inspecteur de aanslag ambtshalve. Het geschil betrof enkel de hoogte van de proceskostenvergoeding.
Het Gerecht oordeelde dat het beroep niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van belang, aangezien de Inspecteur al volledig aan belanghebbende tegemoet was gekomen. Desondanks werd de Inspecteur veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die belanghebbende redelijkerwijs heeft moeten maken in de beroepsfase, omdat geen sprake was van uitsluitend door belanghebbende veroorzaakte noodzaak tot beroep.
De proceskostenvergoeding werd forfaitair vastgesteld op Naf. 1.050, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij een integrale vergoeding werd afgewezen wegens het ontbreken van ernstige onzorgvuldigheid door de Inspecteur. Tevens werd het betaalde griffierecht van Naf. 50 aan belanghebbende vergoed.
De uitspraak benadrukt dat kosten in de bezwaarfase niet worden vergoed omdat belanghebbende daar geen verzoek om vergoeding had ingediend. De Inspecteur handelde niet in vergaande mate onzorgvuldig bij het opleggen van de voorlopige aanslag en het niet horen van belanghebbende in de bezwaarfase.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Curaçao binnen twee maanden na verzending.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en de Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van Naf. 1.050 en griffierecht van Naf. 50.