Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.BEOORDELING VAN HET BEROEP
Ontvankelijkheid bezwaar
3.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende heeft voor de jaren 2009 tot en met 2014 diverse belastingaanslagen en boetes ontvangen. Hij heeft op 23 juni 2016 bezwaar gemaakt tegen deze aanslagen, maar dit bezwaar is buiten de wettelijke termijn van twee maanden na dagtekening van de aanslagbiljetten ingediend.
De Inspecteur heeft de bezwaren op 7 april 2017 niet-ontvankelijk verklaard vanwege deze termijnoverschrijding. Belanghebbende stelde dat hij nooit aanmaningen of dwangschriften had ontvangen die hem op de termijn hadden moeten wijzen, maar het Gerecht oordeelde dat dit geen bijzondere omstandigheid vormt die de termijnoverschrijding kan rechtvaardigen.
Het Gerecht benadrukte dat het niet ontvangen van aanmaningen geen invloed heeft op de ontvankelijkheid van het bezwaar, aangezien de aanslagbiljetten zelf duidelijk vermelden dat binnen twee maanden bezwaar kan worden gemaakt. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is niet inhoudelijk op de bezwaren ingegaan.
Ten overvloede is nog overwogen dat belanghebbende als buschauffeur werkte en geen financiële jaarstukken kon overleggen, terwijl de Inspecteur de belastbare inkomens redelijk heeft vastgesteld. De uitspraak is gedaan door rechter M.M. de Werd op 6 juli 2018.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdig ingediend bezwaar.