Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
Administratieplicht
5.PROCESKOSTENVERGOEDING EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende maakte bezwaar tegen naheffingsaanslagen en vergrijpboetes opgelegd over de jaren 2011 tot en met 2014. De Inspecteur had naheffingsaanslagen vastgesteld op basis van een boekenonderzoek, waarbij correcties werden aangebracht op de winst. Belanghebbende stelde dat de oorspronkelijke jaarrekeningen onjuist waren en stelde nieuwe jaarrekeningen op met negatieve resultaten.
Het geschil betrof de juistheid van de naheffingsaanslagen en de hoogte van de vergrijpboetes. Het Gerecht oordeelde dat belanghebbende niet had voldaan aan de administratieplicht zoals voorgeschreven in artikel 43 ALL Pro, waardoor de bewijslast werd omgekeerd. De Inspecteur hoefde zijn correcties niet te herzien omdat deze redelijk waren vastgesteld.
De vergrijpboetes werden wel verminderd tot 25% van de nageheven belasting, omdat slechts sprake was van grove schuld. Daarnaast werd belanghebbende in de proceskosten en griffierechten tegemoetgekomen. Het Gerecht verklaarde de beroepen tegen de naheffingsaanslagen ongegrond en die tegen de boetes gegrond, met vernietiging van de uitspraken op bezwaar betreffende de boetes.
Uitkomst: Beroepen tegen naheffingsaanslagen worden ongegrond verklaard, boetes verminderd tot 25% van de nageheven belasting.