Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
Ontvankelijkheid bezwaar tegen aanslag premieheffing AOV/AWW 2015
5.PROCESKOSTENVERGOEDING EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende maakte bezwaar tegen aanslagen inkomstenbelasting en premieheffingen over 2015, waarbij zij rente en kosten van een lening voor haar woning in aftrek wilde brengen. De Inspecteur weigerde deze renteaftrek omdat belanghebbende geen eigenaar is van de woning en ook niet de grond in erfpacht heeft, noch het vruchtgebruik heeft aangetoond.
Het Gerecht oordeelde dat belanghebbende geen eigen woning ter beschikking staat zoals vereist in de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943. Hierdoor is de renteaftrek terecht geweigerd. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat de Inspecteur een weloverwogen standpunt had ingenomen over de renteaftrek.
Daarnaast werd het bezwaar tegen de premieheffing AOV/AWW 2015 niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. Het beroep tegen de overige aanslagen werd ontvankelijk verklaard, maar inhoudelijk ongegrond verklaard.
Het Gerecht zag geen aanleiding tot vergoeding van proceskosten of griffierecht en wees het beroep af. De uitspraak werd gedaan door rechter mr. dr. A.J.H. van Suilen op 11 oktober 2019.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslagen worden gehandhaafd.