Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Uitspraak
[eiseres],
de minister van Justitie,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
verklaarthet beroep
ongegrond.
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Eiseres, een Dominicaanse vrouw, werd in 2016 ongewenst verklaard en voor drie jaar de toegang tot Curaçao ontzegd na overtreding van de toelatingsregels. Zij diende in 2017 een aanvraag in voor een vergunning tot tijdelijk verblijf met het doel gezinsvorming, na haar huwelijk met een Nederlander. Verweerder wees de aanvraag af op grond van de lopende ongewenstverklaring en het niet voldoen aan toelatingsvoorwaarden.
Het Gerecht overwoog dat de ongewenstverklaring strikt genomen alleen betrekking heeft op de toelating als toerist voor kort verblijf en niet automatisch tot afwijzing van een verblijfsvergunning leidt. Het recht op respect voor gezinsleven (art. 8 EVRM Pro) werd niet geschonden omdat eiseres geen eerder verblijf had en dus geen bestaande verblijfsrechtelijke positie verloor.
Er waren geen bijzondere omstandigheden die een positieve verplichting tot vergunningverlening zouden rechtvaardigen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een vergunning tot tijdelijk verblijf wordt ongegrond verklaard en het besluit gehandhaafd.