Uitspraak
1.HET PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.BEOORDELING VAN HET BEROEP
Ontvankelijkheid beroep
5.PROCESKOSTENVERGOEDING EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een aanslag inkomstenbelasting 2013 en een verzuimboete, waarna de Inspecteur het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde. Belanghebbende stelde beroep in tegen deze uitspraak, maar deed dit buiten de wettelijke termijn van twee maanden.
Het Gerecht beoordeelde de ontvankelijkheid van het beroep en concludeerde dat het beroep te laat was ingediend zonder bijzondere omstandigheden die dit konden rechtvaardigen. Hierdoor werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard en kon de inhoudelijke beoordeling van het belastbaar inkomen niet plaatsvinden.
Ten overvloede oordeelde het Gerecht dat de ambtshalve vermindering van de aanslag door de Inspecteur onjuist was omdat de ingehouden loonbelasting niet werd verrekend, terwijl de Hoge Raad heeft bepaald dat verrekening verplicht is wanneer het totaal van voorheffingen de verschuldigde belasting met meer dan NAf 150 overstijgt.
De Inspecteur heeft toegezegd de verrekening alsnog toe te passen, wat leidt tot een teruggave van NAf 7.689. Het Gerecht zag geen aanleiding voor proceskostenvergoeding of griffierecht teruggaaf en wees het beroep af wegens niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting 2013 is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.