Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL EN STANDPUNTEN PARTIJEN
4.BEOORDELING VAN HET BEROEP
Ontvankelijkheid bezwaar
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende, een ingezetene van Nederland, kreeg op 22 april 2016 een aanslag inkomstenbelasting 2013 opgelegd over een APC-pensioen van NAf 49.620. Pas op 4 april 2018 maakte hij bezwaar tegen deze aanslag, ruim buiten de wettelijke termijn van twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet. De Inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, waartegen belanghebbende beroep instelde.
Het Gerecht acht aannemelijk dat belanghebbende pas door een aanmaning van 28 februari 2017 op de hoogte kwam van de aanslag. Desondanks heeft belanghebbende niet binnen twee weken na deze kennisneming bezwaar gemaakt, wat door het Gerecht als niet spoedig genoeg wordt beschouwd. Hierdoor is het bezwaar niet-ontvankelijk.
Daarnaast is niet in geschil dat het APC-pensioen correct is vastgesteld, zodat de aanslag niet te hoog is. Het Gerecht ziet geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten of griffierecht en verklaart het beroep ongegrond. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting 2013 is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.