ECLI:NL:OGEAC:2018:29
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingheffing over wereldinkomen en dubbele belasting bij ingezetene Curaçao
Belanghebbende, een ingezetene van Curaçao met voormalige werkzaamheden in Nederland, was het niet eens met de aanslagen inkomstenbelasting en premies AOV/AWW en AVBZ over de jaren 2008 tot en met 2012. Zij ontkende inkomsten aan te geven en stelde dat zij reeds belasting had betaald in Nederland over haar WAO-uitkering, Loyalis-uitkering en ABP-pensioen.
Het Gerecht oordeelde dat natuurlijke personen die in Curaçao wonen, worden belast over hun wereldinkomen, waaronder de genoemde uitkeringen vallen. De WAO-uitkering en de uitkeringen van Loyalis zijn volgens de Belastingregeling voor het Koninkrijk (BRK) toe te wijzen aan Curaçao, terwijl het heffingsrecht over het ABP-pensioen aan Nederland toekomt. Curaçao moet een tegemoetkoming verlenen om dubbele belasting te voorkomen.
De Inspecteur heeft de aanslagen terecht opgelegd en hoefde geen aftrek ter voorkoming van dubbele belasting te verlenen voor de WAO- en Loyalis-uitkeringen. Ook de premieheffing over de AOV/AWW en AVBZ is terecht vastgesteld. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de proceskosten werden niet aan de Inspecteur opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslagen inkomstenbelasting en premies over 2008-2012 worden bevestigd.