Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
Ontvankelijkheid beroep
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende, een eenmanszaak in tuinonderhoud, maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting 2016 die was vastgesteld op een belastbaar inkomen van NAf 103.651. De Inspecteur had diverse kostenposten gecorrigeerd wegens het ontbreken van bewijsstukken, waaronder utiliteitskosten, kosten onderaannemers en overige algemene kosten, en een correctie toegepast op de bijtelling privégebruik auto.
Het Gerecht oordeelde dat de uitspraak op bezwaar niet correct was bekendgemaakt omdat deze naar een verkeerd adres was gestuurd. Hierdoor begon de beroepstermijn pas bij ontvangst van de uitspraak door belanghebbende, waardoor het beroep tijdig en ontvankelijk was ingediend.
Inhoudelijk volgde het Gerecht de Inspecteur deels, met name de correctie op de bijtelling privégebruik auto werd bevestigd. De correctie op de kosten onderaannemers werd verminderd na overlegging van aanvullende bewijsstukken door belanghebbende. De correcties op utiliteitskosten en overige algemene kosten vervielen omdat de Belastingdienst de bewijsstukken te laat had opgevraagd.
Het belastbaar inkomen werd daardoor vastgesteld op NAf 36.347. De Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en moest het betaalde griffierecht vergoeden. Het beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak op bezwaar vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2016 verminderd tot een belastbaar inkomen van NAf 36.347.