Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.GESCHIL
3.OVERWEGINGEN
4.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
5.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting 2018, waarop de Inspecteur een uitspraak op bezwaar deed met een vermindering van het belastbaar inkomen. Het beroep van belanghebbende tegen deze uitspraak werd echter pas ruim na de wettelijke termijn van twee maanden ingediend.
Hoewel belanghebbende stelde pas eind maart 2021 kennis te hebben genomen van de uitspraak, bleek uit een poststempel dat de uitspraak op 9 februari 2021 ter post was bezorgd, waardoor de beroepstermijn op 10 februari 2021 begon te lopen. Het beroep werd op 30 april 2021 ingediend, wat te laat was en niet binnen twee weken na kennisname.
Het Gerecht oordeelde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die de termijnoverschrijding konden rechtvaardigen en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Hierdoor kwam het Gerecht niet toe aan een inhoudelijke behandeling van het geschil over de aftrek van de premie eigenrisicoverzekering.
De uitspraak werd gedaan door rechter M.M. de Werd op 24 mei 2022. Partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie binnen twee maanden na verzending van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting 2018 wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder verschoonbare omstandigheden.