Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
Ontvankelijkheid beroep
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende, ingezetene van Curaçao, maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting 2014 waarbij hij een belastbaar inkomen van NAf 179.429 had opgegeven. Hij verzocht om aftrek ter voorkoming van dubbele belasting voor NAf 28.603 aan inkomsten als bestuurder van een Nederlandse vennootschap.
De Inspecteur stelde dit verweer pas vlak voor de zitting ter discussie en vroeg om bewijsstukken, die belanghebbende niet tijdig kon overleggen. Het Gerecht liet dit verweer als te laat buiten beschouwing en nam aan dat belanghebbende inderdaad inkomsten als bestuurder van een Nederlandse vennootschap had genoten.
Op grond van de Landsverordening op de inkomstenbelasting en de Belastingregeling voor het Koninkrijk moest Curaçao aftrek verlenen ter voorkoming van dubbele belasting. De aanslag werd daarom verminderd tot een negatief bedrag van NAf 5.858, wat neerkomt op een teruggave.
Het Gerecht veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten van NAf 1.400 en droeg op het betaalde griffierecht van NAf 50 te vergoeden. Het beroep werd gegrond verklaard en de aanslag aangepast.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting wordt verminderd tot een teruggave van NAf 5.858 wegens aftrek ter voorkoming van dubbele belasting.