Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.OVERWEGINGEN
3.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
4.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende kreeg op 30 juni 2021 een naheffingsaanslag winstbelasting voor 2019 opgelegd met een verzuimboete. Op 27 augustus 2021 werd pro forma bezwaar gemaakt, waarna op 18 maart 2022 een gemotiveerd bezwaarschrift volgde. Omdat de Inspecteur niet binnen negen maanden uitspraak deed, stelde belanghebbende op 29 mei 2023 beroep in tegen het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar.
Het Gerecht oordeelde dat het beroep te laat was, omdat beroep binnen twaalf maanden na ontvangst van het bezwaarschrift moet worden ingesteld. De uiterste datum was 27 mei 2023, terwijl het beroep op 29 mei 2023 werd ingediend. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Ten overvloede werd opgemerkt dat de Inspecteur in november 2023 alsnog uitspraak op bezwaar had gedaan. Het Gerecht zag geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten of griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter Pijnenburg op 24 april 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar is te laat ingediend en wordt niet-ontvankelijk verklaard.