Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
- verzoekschrift met producties,
- conclusie van antwoord met producties,
- conclusie van repliek met producties,
- conclusie van dupliek.
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Eiseres heeft een perceel verkocht met een kettingbeding dat boetes oplegt bij niet-naleving van onderhoudsverplichtingen. Zij vordert betaling van boetes vanaf 1 december 2012 wegens vermeende tekortkomingen van gedaagde, die het perceel later heeft doorverkocht.
Eiseres stelt een e-mail van ingebrekestelling te hebben verzonden, maar gedaagde betwist ontvangst. Het gerecht oordeelt dat een ingebrekestelling vereist is op grond van artikel 6:93 BW Pro om boetes te kunnen opeisen. Het kettingbeding zelf sluit dit niet uit en is bedoeld om verloedering tegen te gaan door een redelijke termijn voor herstel te bieden.
Omdat eiseres geen bewijs levert van geldige ingebrekestelling en geen boetes heeft gesteld over de periode na het verzoekschrift, wijst het gerecht de vordering af. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van boetes uit het kettingbeding wordt afgewezen wegens het ontbreken van een geldige ingebrekestelling.