ECLI:NL:OGEAM:2016:18
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verwijdering van hekwerken en hondenhokken uit gemeenschappelijke ruimtes in appartementsgebouw
Eiser is eigenaar van een appartement op de bovenverdieping van een gebouw met gemeenschappelijke ruimtes, waarvan gedaagde sub 2 een appartement op de begane grond bewoont dat eigendom is van gedaagde sub 1. Er is een geschil over het gebruik van de gemeenschappelijke buitenruimtes, waarbij gedaagden hekwerken, muren, hondenhokken en huisdieren hebben geplaatst die volgens eiser in strijd zijn met de splitsingsakte.
Eiser vordert in kort geding dat gedaagden hoofdelijk worden bevolen deze objecten en dieren binnen twee weken te verwijderen en de gemeenschappelijke ruimtes in overeenstemming met de splitsingsakte te brengen, met een dwangsom bij niet-naleving. Gedaagde sub 1 erkent dat de bepalingen uit de splitsingsakte nageleefd moeten worden, terwijl gedaagde sub 2 stelt dat hij niet wist dat de ruimtes gemeenschappelijk waren en beroept zich op bouwkundige gebreken waardoor de levering van zijn appartement nog niet heeft plaatsgevonden.
Het gerecht oordeelt dat gedaagde sub 2 onrechtmatig handelt door de gemeenschappelijke ruimtes te gebruiken in strijd met de splitsingsakte en ondanks waarschuwingen niet vrij te maken van de hekwerken, muren, hondenhokken en dieren. Het geschil over de koopovereenkomst tussen gedaagde sub 1 en sub 2 blijft buiten beschouwing. Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot verwijdering van de objecten en dieren en tot het gedogen van het gebruik door eiser, onder oplegging van een dwangsom en veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot verwijdering van hekwerken, muren, hondenhokken en dieren uit de gemeenschappelijke ruimtes en tot het gedogen van het gebruik door eiser, onder oplegging van een dwangsom.