ECLI:NL:OGEAM:2017:24
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontruiming duikschool op Kim Sha Beach wegens schending gelijkheidsbeginsel
Het Land Sint Maarten vorderde in kort geding dat de naamloze vennootschap [AB] haar duikschool op Kim Sha Beach zou ontruimen, omdat het perceel eigendom is van het Land en bestemd is voor een parkeerterrein. [AB] exploiteert de onderneming sinds de jaren 80 en betwistte de vordering onder meer met het argument van verkrijgende verjaring en gedoogbeleid.
De zittingen vonden plaats op 13 april en 5 mei 2017, waarbij partijen hun standpunten toelichtten. Het Gerecht stelde vast dat een uitspraak tot ontruiming onomkeerbare gevolgen zou hebben, omdat het perceel inmiddels is geasfalteerd en als parkeerterrein wordt gebruikt. Bovendien is er geen alternatieve locatie beschikbaar voor [AB], wat betekent dat de onderneming feitelijk zou worden beëindigd.
Daarnaast wees het Gerecht op het gelijkheidsbeginsel, omdat een andere onderneming, de [C] Snackbar, ondanks het ontbreken van toestemming, wel gebruik mag maken van het parkeerterrein en zelfs een voorlopige vestigingsvergunning heeft gekregen, terwijl [AB] geen alternatieve locatie wordt aangeboden.
Gezien deze omstandigheden en het ontbreken van een grote mate van waarschijnlijkheid dat het Land in de bodemprocedure zal slagen, wees het Gerecht de vordering van het Land af en veroordeelde het Land in de proceskosten. Het Gerecht adviseerde partijen om de zaak in een bodemprocedure voort te zetten of te zoeken naar een minnelijke oplossing.
Uitkomst: De vordering van het Land tot ontruiming van de duikschool van [AB] wordt afgewezen wegens onomkeerbaarheid en mogelijke schending van het gelijkheidsbeginsel.