ECLI:NL:OGEAM:2017:46
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing contact- en gebiedsverbod na beëindiging affectieve relatie
Partijen hadden een affectieve relatie van circa drie jaar die in september 2016 eindigde. Eiseres deed aangifte van mishandeling door gedaagde, onder meer na een incident op 23 mei 2017 op de werkplek waar beiden werkzaam waren. Gedaagde werd ontslagen naar aanleiding van dit incident.
Eiseres vorderde een contactverbod en gebiedsverbod van vijf jaar tegen gedaagde, inclusief een dwangsom bij overtreding. Gedaagde betwistte de vorderingen en stelde zich niet-ontvankelijk.
Het Gerecht oordeelde dat een dergelijk verbod een ernstige inbreuk op de bewegingsvrijheid vormt en alleen kan worden toegewezen bij hoge mate van aannemelijkheid van relevante feiten. Gezien het ontbreken van pogingen tot contact na 23 mei 2017, de toezegging van gedaagde geen contact te zoeken, de afgifte van autopapieren en het feit dat partijen niet in elkaars buurt wonen, was die aannemelijkheid niet gegeven.
Ook werd meegewogen dat Sint Maarten een klein eiland is en het gebiedsverbod een grote impact zou hebben. De vorderingen werden daarom afgewezen en eiseres werd veroordeeld in de proceskosten, die nihil werden begroot omdat gedaagde in persoon procedeerde.
Uitkomst: De vorderingen tot contact- en gebiedsverbod worden afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van feiten die een inbreuk op bewegingsvrijheid rechtvaardigen.