ECLI:NL:OGHACMB:2010:BP2874

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
21 december 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
HAR 235/2010
Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 43 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verzoek overplaatsing gedetineerde naar Sint Maarten

Verzoeker, gedetineerd op Bonaire, verzocht het Hof om hem over te plaatsen naar de penitentiaire inrichting in Sint Maarten. Dit verzoek volgde op zijn betrokkenheid bij meerdere onlusten in gevangenissen van Sint Maarten en Curaçao, waarna hij was overgeplaatst naar Bonaire.

Het Hof stelde vast dat het verzoek betrekking had op de wijze waarop de directeur van de gevangenis de orde handhaaft, een interne aangelegenheid die niet valt onder het belang van een goede strafrechtsbedeling zoals bedoeld in artikel 43 Sv Pro.

Daarom verklaarde het Hof het verzoek niet-ontvankelijk. Het Hof liet de vraag of de directeur bevoegd is tot een dergelijke overplaatsing onbesproken. De beschikking werd gegeven door drie leden van het Gemeenschappelijk Hof en uitgesproken op 21 december 2010.

Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot overplaatsing naar Sint Maarten.

Uitspraak

Datum beschikking: 21 december 2010
Nummer: HAR 235/2010
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van
Bonaire, Sint Eustatius en Saba
op het verzoek ex art. 43 Sv Pro van:
[verzoeker] (hierna verzoeker),
thans gedetineerd op Bonaire,
gemachtigde: mr. S.R. Bommel.
1. Het procesverloop
Bij op 16 december 2010 ter griffie van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten ingekomen verzoekschrift heeft verzoeker het Hof verzocht om, kort gezegd, het land Sint Maarten te bevelen om verzoeker over te plaatsen van de penitentiaire inrichting te Bonaire naar de penitentiaire inrichting in Sint Maarten en om binnen een week nadat dit bevel is gegeven daaraan uitvoering te geven, kosten rechtens.
Het verzoek is ten overstaan van een lid van dit Hof, en met instemming van alle betrokkenen zonder aanwezigheid van een griffier, behandeld in raadkamer op Sint Maarten op 17 december 2010. Verschenen en gehoord zijn de (fgd.) procureur-generaal mr. B. den Hartigh, vergezeld van dhr. R.C. Ricardo, directeur van de penitentiaire inrichting in Sint Maarten en de gemachtigde van verzoeker. Beschikking is aangezegd en bepaald op heden.
2. De beoordeling
2.1 Het Hof gaat uit van de volgende feiten. Verzoeker is bij onherroepelijk vonnis van dit Hof van 7 juni 2005 veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 jaar. Verzoeker is zijn hele leven woonachtig geweest in Sint Maarten en genoemde gevangenisstraf is tot ongeveer 25 november 2010 in Sint Maarten geëxecuteerd, met dien verstande dat verzoeker in elk geval eenmaal wegens betrokkenheid bij een of meer onlusten in de gevangenis in Sint Maarten korte tijd is overgeplaatst naar de gevangenis in Curaçao. In november 2010 zat verzoeker opgesloten in de zogeheten BEVA, de beveiligde afdeling, wegens leiding geven aan en/of betrokkenheid bij opstootjes en/of vechtpartijen in de gevangenis. Op 7 november 2010 was er wederom een vechtpartij in de gevangenis, waarbij verzoeker is uitgebroken uit de BEVA en onder meer een bewaker traangas heeft afgenomen. Van de bij deze rel betrokken personen is een aantal overgeplaatst naar de gevangenis in Curaçao, zijn er twee opgesloten in de enige twee isoleercellen van de gevangenis in Sint Maarten en is verzoeker overgeplaatst naar Bonaire.
2.2 Blijkens artikel 43 Sv Pro kan in alle gevallen, waarin het belang van een goede strafrechtsbedeling een voorziening dringend noodzakelijk maakt en het wetboek zelf daaromtrent geen regeling bevat, een verzoek om zodanige voorziening worden gedaan door de verdachte of degene die daarbij een rechtstreeks hem bepaaldelijk aangaand belang heeft. Het onderhavige verzoek heeft betrekking op de beslissing van de directeur van de gevangenis in Sint Maarten aangaande de wijze waarop de directeur de orde in de gevangenis in Sint Maarten wenst te handhaven. Een dergelijke kwestie, die louter het binnen de gevangenis toegepaste regiem betreft, valt niet onder het in artikel 43 Sv Pro bedoelde belang van een goede strafrechtsbedeling (zie ook de uitspraak van dit Hof van 16 oktober 2009, LJN: <a href="http://zoeken.rechtspraak.ro.minjus/resultpage.aspx?snelzoeken=true&searchtype=ljn&ljn=BK1211" target="_blank" >BK1211</a>).
2.3 Dit betekent dat verzoeker niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn verzoek. Het antwoord op de vraag of de directeur thans de bevoegdheid (nog) toekomt tot een overplaatsing als de onderhavige kan op dit moment dan ook in het midden blijven.
3. De beslissing
Het Hof verklaart verzoeker niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gegeven door mrs. J.R. Sijmonsma, F.J.P. Lock en E.M. van der Bunt, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba en uitgesproken in Curaçao op 21 december 2010 in tegenwoordigheid van de griffier.