ECLI:NL:OGHACMB:2011:BR5497
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek uitbreiding concessie wegens ontbreken vestigingsvergunning
De zaak betreft het hoger beroep van de minister van Toerisme, Economische Zaken, Verkeer en Telecommunicatie van Sint Maarten tegen een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao. Het geschil draait om de afwijzing van een verzoek van Scarlet B.V. tot uitbreiding van het verzorgingsgebied van haar concessie. De minister stelde dat het ontbreken van een vestigingsvergunning een geldige reden was om het verzoek af te wijzen.
Het Gerecht oordeelde echter dat er geen wettelijke grondslag bestaat voor het vereiste van een vestigingsvergunning bij de verlening van concessies en dat het ontbreken daarvan geen reden is om het verzoek af te wijzen. Het Hof bevestigt dit oordeel en wijst de argumenten van de minister af, waaronder het betoog dat het beschikken over een vestigingsvergunning vereist zou zijn vanwege landsbevoegdheden en eilandgebiedconsultaties.
Het Hof overweegt dat de relevante bepalingen van de Landsverordening op de telecommunicatievoorzieningen (Ltv) en de Eilandenregeling Nederlandse Antillen geen grond bieden voor het vereiste van een vestigingsvergunning bij concessieverlening. Ook het feit dat de minister bevoegd is tot het bepalen van benodigde stukken voor concessieverzoeken betekent niet dat een vestigingsvergunning verplicht is.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerecht bevestigd. De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan Scarlet B.V. voor de behandeling van het hoger beroep.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat het ontbreken van een vestigingsvergunning geen grond is om het verzoek tot uitbreiding van de concessie af te wijzen en verklaart het hoger beroep van de minister ongegrond.