Uitspraak
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE VAN
ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN
BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA
1.Het verloop van de procedure
Every c.s. v. Valero(H 252-254/13) overgelegd en daaraan gerefereerd.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze zaak heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba, waarin de arbeidsovereenkomst tussen appellant en Post Aruba is ontbonden met ingang van 1 maart 2013.
Appellant stelde zich op het standpunt dat het appelverbod van artikel 7A:1615w lid 8 BWA onterecht werd toegepast en dat het Gerecht in eerste aanleg ten onrechte het incident van 16 juli 2012, dat aanleiding gaf tot een ontslag op staande voet, had betrokken bij de beoordeling. Tevens klaagde appellant over het ontbreken van gelegenheid tot tegenbewijs en een motiveringsgebrek.
Het Hof overwoog dat het appelverbod slechts in uitzonderlijke gevallen doorbroken kan worden, namelijk bij onjuiste toepassing buiten het toepassingsgebied, onterechte buiten toepassingstelling of schending van fundamentele rechtsbeginselen. Verkeerde toepassing van het artikel zelf is geen grond voor doorbreking van het appelverbod. Klachten over bewijsregels en motivering vormen geen schending van fundamentele beginselen. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de beschikking van ontbinding bevestigd.
Het Hof veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep en verklaarde deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de ontbinding van de arbeidsovereenkomst en verklaart het hoger beroep ongegrond.