ECLI:NL:OGHACMB:2017:104
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechthebbende aandelen en veroordeling tot rekening en verantwoording
In deze civiele procedure stond de vraag centraal wie de rechthebbende was van de aandelen in een vennootschap. Appellante voerde aan dat zij eigenaar was geworden door een schenking van betrokkene 1, maar het Hof oordeelde dat deze omstandigheden onvoldoende waren om dat aan te nemen.
Het Hof beoordeelde de getuigenverklaringen met behoedzaamheid en concludeerde dat appellante niet geslaagd was in haar tegenbewijsopdracht. Geïntimeerde geldt daarom als rechthebbende van de aandelen.
Vervolgens werd de vordering tot het doen van rekening en verantwoording behandeld. Het Hof stelde vast dat appellante, die het beheer voerde over de vennootschap, verplicht is om hierover verantwoording af te leggen aan geïntimeerde. Rechtsverwerking werd verworpen wegens onvoldoende gewichtige omstandigheden.
Het Hof veroordeelde appellante binnen drie maanden na betekening rekening en verantwoording af te leggen over het beheer van 1 juli 2008 tot 15 april 2014, met minder strenge eisen dan gebruikelijk. Het hoger beroep faalde grotendeels, het vonnis waarvan beroep werd vernietigd en appellante werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: Geïntimeerde is rechthebbende van de aandelen en appellante wordt veroordeeld tot het afleggen van rekening en verantwoording over het beheer.