ECLI:NL:OGHACMB:2017:109

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
19 september 2017
Publicatiedatum
26 september 2017
Zaaknummer
AR 451/15 - ghis 80474 - H 316/16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing zaak voor beter toegankelijke producties in civiele procedure

In deze civiele procedure tussen appellant en de maatschap Ernst & Young heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba geoordeeld dat de door appellant overgelegde producties onvoldoende toegankelijk waren. De producties bestonden uit een grote stapel papier, grotendeels zwart-wit, zonder duidelijke ordening zoals voorbladen, tabbladen of ordners, terwijl sommige stukken oorspronkelijk in kleur waren en beter toegankelijk hadden moeten worden overgelegd.

Het Hof benadrukte dat bij een aanzienlijke vordering, ingediend door een team van advocaten, verwacht mag worden dat de producties ordentelijk en overzichtelijk worden gepresenteerd. De huidige wijze van overleggen voldeed hier niet aan, waardoor het Hof de zaak naar de rol verwees om appellant de gelegenheid te geven de producties in een beter toegankelijke vorm te overleggen.

Het Hof bepaalde tevens dat aan de geïntimeerde, Ernst & Young, geen gelegenheid zal worden gegeven tot het indienen van een antwoordakte en hield iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis werd uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting in Aruba op 19 september 2017.

Uitkomst: De zaak is verwezen naar de rol om appellant in de gelegenheid te stellen producties in een beter toegankelijke vorm te overleggen.

Uitspraak

Burgerlijke zaken over 2017 Vonnis no.:
Registratienummer: AR 451/15 - ghis 80474 - H 316/16
Uitspraak: 19 september 2017
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
V O N N I S
in de zaak van:
[APPELLANT],
wonende in Aruba,
oorspronkelijk eiser,
thans appellant,
gemachtigden: mrs. A.A. Ruiz en I.R. Wever,
tegen
de maatschap
ERNST & YOUNG,
gevestigd in Aruba,
oorspronkelijk gedaagde,
thans geïntimeerde,
gemachtigde: mr. P.R.C. Brown.
De partijen worden hierna [appellant] en EY genoemd.

1.Het verdere verloop van de procedure

1.1
Bij vonnis van 23 mei 2017 heeft het Hof de zaak naar de rol verwezen.
1.2
Op de rol van 20 juni 2017 heeft [appellant] bewijs overgelegd van betaling van nageheven griffierecht, en een stapel bedrukt papier. Vonnis is gevraagd en nader bepaald op heden.

2.De verdere beoordeling

Het Hof neemt geen genoegen met de wijze waarop [appellant] de bij vonnis van 23 mei 2017 opgevraagde producties op 20 juni 2017 heeft overgelegd. Het is een grote stapel papier. Vrijwel alles is in zwart-wit. Alleen van scheidsbladen zijn kleurenkopieën aangetroffen. De oorspronkelijke scheidsbladen zaten kennelijk ooit in een ringband. Sommige producties zijn kennelijk verkleind gekopieerd.
De producties zijn voor een deel (dikke) rapporten, met (een groot aantal) bijlagen, en misschien ook wel onderbijlagen. Sommige producties zijn accountantsrapporten die waarschijnlijk in hun oorspronkelijke vorm goed toegankelijk waren. Andere zijn gedingstukken uit een andere procedure, met producties, die mogelijk ook in hun oorspronkelijke vorm beter toegankelijk waren.
De stapel papier die op 20 juni 2017 is overgelegd, werd toen vermoedelijk bijeengehouden door een of meer elastiekjes, die mogelijkerwijs zijn verwijderd of geknapt.
Het betreft hier een aanzienlijke vordering, ingediend door een team van twee advocaten. Verwacht mag worden dat de producties worden voorzien van een voorblad, een of meer ringbanden of ordners, tabbladen om producties van elkaar te onderscheiden en anderssoortige tabbladen om de bijlagen bij de producties (de onderproducties) van elkaar te onderscheiden. Wat in kleur was, moet ook thans weer in kleur zijn. Zoals de producties thans aan het Hof zijn voorgelegd, zijn ze onvoldoende toegankelijk.
Het Hof zal de zaak naar de rol verwijzen om [appellant] in de gelegenheid te stellen de gevraagde producties in een beter toegankelijke vorm over te leggen.
B E S L I S S I N G
Het Hof:
verwijst de zaak naar de rolzitting van 17 oktober 2017 (ambtshalve P3) voor akte aan de zijde van [appellant] met het hiervoor omschreven doel;
bepaalt dat aan EY geen gelegenheid zal worden gegeven voor een antwoordakte;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mrs. G.C.C. Lewin, S.A. Carmelia en
H.J. Fehmers, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Aruba uitgesproken op 19 september 2017 in tegenwoordigheid van de griffier.