ECLI:NL:OGHACMB:2017:115
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verbod op geldelijke bijdrage ouders voor toelating tot bijzondere scholen bevestigd
De Vereniging voor Protestants Christelijk Onderwijs op Curaçao (VPCO) exploiteert bijzondere scholen en stelt ledencontributie verplicht voor toelating van leerlingen. De ouders van leerlingen stelden dat deze contributie onrechtmatig is en vorderden een verbod op de inning ervan. Het Gerecht in eerste aanleg verbood de VPCO om betaling van de contributie af te dwingen totdat onherroepelijk in een bodemzaak over de geldigheid van de Contributieverordening is beslist.
De VPCO ging in hoger beroep tegen dit vonnis, stellende dat het verbod onterecht was en dat de vrijheid van onderwijs en vereniging in het geding waren. Het Hof oordeelde dat de wettelijke bepalingen, waaronder de Landsverordening van 2016, duidelijk stellen dat toelating tot overheidsbekostigde bijzondere scholen niet afhankelijk mag zijn van een geldelijke bijdrage van ouders. Dit verbod dient het legitieme doel van vrije en gelijke toegang tot onderwijs.
Het Hof vond dat de vrijheid van onderwijs en vereniging geen reden vormen om het wettelijk verbod buiten toepassing te laten. Ook werd het verbod aangepast zodat het geldt totdat in een bodemzaak in eerste aanleg is beslist, in plaats van onherroepelijk. De VPCO werd grotendeels in het ongelijk gesteld en veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het verbod op het afdwingen van ledencontributie als voorwaarde voor toelating tot de scholen van de VPCO wordt bevestigd met aanpassing dat het geldt totdat in eerste aanleg is beslist.