ECLI:NL:OGHACMB:2018:100
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek eenhoofdig gezag en verhuizing minderjarige kinderen naar Nederland
De vrouw en man, gehuwd sinds 1997, hebben drie kinderen, waarvan twee minderjarig. Na echtscheiding verzocht de vrouw om eenhoofdig gezag en toestemming om met de minderjarige kinderen naar Nederland te verhuizen. De man verzocht om gezamenlijk gezag en hoofdverblijf van de kinderen bij hem.
Het Hof overwoog dat voortzetting van gezamenlijk gezag in het belang is van de kinderen, mede omdat beide ouders tot nu toe goed overleg plegen en betrokken zijn. De situatie van gezamenlijke bewoning is ongewenst, maar het Hof kan geen verhuizing aan een van de ouders opleggen.
Het verzoek om toestemming voor verhuizing naar Nederland werd afgewezen omdat het belang van de kinderen, waaronder het afronden van school in Curaçao en het behoud van familiebanden, zwaarder woog dan het verhuizingsvoordeel. De zaak wordt verwezen voor voortzetting van procedure over hoofdverblijfplaats en alimentatie, afhankelijk van toekomstige woonsituatie.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de afwijzing van het verzoek om eenhoofdig gezag en toestemming voor verhuizing naar Nederland.