ECLI:NL:OGHACMB:2018:183
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- E.A. Saleh
- M.W. Scholte
- F.W.J. Meijer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens verstek in eerste aanleg
In deze zaak heeft de man, oorspronkelijk gedaagde en thans appellant, hoger beroep ingesteld tegen vonnissen van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba. De vrouw, oorspronkelijk eiseres, heeft verzocht de man niet-ontvankelijk te verklaren en de vonnissen te bevestigen.
De man is in eerste aanleg verstek verleend omdat hij niet is verschenen ondanks behoorlijke oproeping en geen gedingstukken heeft ingediend. Hoewel het Gerecht niet expliciet sprak van verstek, prevaleert het wezen van de zaak boven de vorm. De man had binnen de daarvoor gestelde termijn verzet moeten instellen tegen het verstekvonnis, maar heeft in plaats daarvan hoger beroep ingesteld.
Het Hof oordeelt dat conversie van hoger beroep in verzet niet is toegestaan en verklaart de man daarom niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep. Tevens wordt hij veroordeeld in de proceskosten van de vrouw, begroot op NAf 3.000,-. Het vonnis is uitgesproken op 20 november 2018 door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Uitkomst: De man is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep en veroordeeld in de proceskosten van de vrouw.