Uitspraak
Zaaknummer: H 105/2018
Vonnis
[verdachte],
- de toewijzing van de (in hoger beroep beperkte) vordering van de benadeelde partij [benadeeldepartij 1] tot een bedrag van NAf 20.698,96 en de oplegging van een bij de toewijsbare vordering behorende schadevergoedingsmaatregel.
- de toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeeldepartij 2] (ouder [minderjarige1] en [minderjarige2]) tot een bedrag van NAf 22.928,72 en de oplegging van een bij de toewijsbare vordering behorende schadevergoedingsmaatregel.
of omstreeksde periode van 3 juni 2017 tot en met 27 juli 2017 te Curaçao, opzettelijk en
- al dan niet -met voorbedachten rade [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte met dat opzet en
-al dan niet-na kalm beraad en rustig overleg, op 3 juni 2017 het lichaam van die [slachtoffer] overgoten met een brandbare vloeistof en
/ofvervolgens die vloeistof tot ontbranding gebracht
/laten komen, ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] op
of omstreeks27 juli 2017 is overleden
;.
of omstreeks3 juni 2017 te Curaçao aan
een of meer personen, te weten[minderjarige 1] (7 jaar) en
/of[minderjarige 2] (5 jaar), opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten 2e graads brandverwondingen aan
het hoofd en/ofhet (rechter)oor
en/of de hals (van [minderjarige 1]
)en
/of (1e/2e graads
)brandverwondingen aan
het (linker)been/de
(linker
)voet
(van [minderjarige 2]),
althans letseltoe heeft gebracht,
(en met voorbedachten raad
)het lichaam van [slachtoffer] overgoten met een brandbare vloeistof en
/ofvervolgens die vloeistof aangestoken
cq.c.q.tot ontbranding gebracht
/laten komen,
/of[minderjarige 2] zich vlakbij [slachtoffer] bevond
(en
),
hetgeen voor hem,
/of[minderjarige 2] eveneens in brand
is/zijn geraakt
cq.c.q.verbrand
is/zijn, waardoor zij
/hijvoornoemd letsel
heeft/hebben bekomen
;.
of omstreeks3 juni 2017 te Curaçao, opzettelijk en wederrechtelijk
meerderelevensmiddelen en
/offlessen en
/ofpakken drank (in de bijlage bij de aangifte opgesomd) en
/ofhet plafond van [naam bedrijf]
, in elk geval enig(e) goed(eren) geheel of ten deletoebehorende aan [benadeeldepartij 2]
, in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem verdachte,heeft vernield
en/of beschadigd
en/of onbruikbaar gemaakt, immers heeft hij in voornoemde minimarket het lichaam van [slachtoffer] overgoten met een brandbare vloeistof en
/ofvervolgens die vloeistof aangestoken
cq.c.q.tot ontbranding gebracht
/laten komen, waardoor brand op [slachtoffer] en overige personen ontstond, waardoor voornoemde goederen door die brand zijn geraakt.
cursief). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
de aangeefster [benadeeldepartij 2]:
(Het Hof begrijpt: [naam bedrijf]). De voor mij bekende man, bijgenaamd [slachtoffer]
(Het Hof begrijpt: [slachtoffer]), kwam een fles Night Train kopen. [slachtoffer] stond naast [minderjarige 1] en [minderjarige 2]. Op dat moment zag ik de voor mij bekende man, bijgenaamd [verdachte]
(Het Hof begrijpt: [verdachte], de verdachte),naar binnen lopen. Ik hoorde [verdachte] iets tegen [slachtoffer] zeggen. Direct hierna zag ik dat [verdachte] een vloeistof over het hele lichaam van [slachtoffer] gooide. Ik zag dat [slachtoffer] helemaal in brand stond en ik zag dat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] ook in brand stonden. Ik zag dat [minderjarige 1] verbrandingen aan zijn hoofd, haren en oren had. [minderjarige 2] had een verbranding aan zijn linkerbeen. [slachtoffer], [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zijn naar de polikliniek gebracht voor verdere behandeling.
de aangeefster [benadeeldepartij 2]:
verklaring van de verdachte, afgelegd tijdens het onderzoek ter terechtzitting bij het Gerecht op 13 april 2018, voor zover inhoudende:
verklaring van de algemene chirurg Dr. J.E.C.J. van Leeuwen:
verklaring van de patholoog L. Hernandez Rojas:
(het Hof begrijpt deze tekst aldus dat door het brandletsel dat 47% van het lichaamsoppervlakte bedroeg zich, ondanks de medische zorg, een sepsis heeft ontwikkeld die heeft geresulteerd in een systemische reactie en uiteindelijk het overlijden).
de getuige [benadeeldepartij 1]:
(Het Hof begrijpt: [slachtoffer])bevond zich op 3 juni 2017 thuis. Wij waren aan het praten. Toen vroeg hij mij of ik mij de man van daar achteren
(Het Hof begrijpt: [verdachte])herinner. Toen ik ja zei, zei [slachtoffer] tegen mij dat die man tegen hem had gezegd dat hij ons allemaal gaat branden.
de getuige [getuige 2]:
(Het Hof begrijpt: [slachtoffer])op bezoek bij mij thuis. Hij zag heel erg bezorgd uit. [slachtoffer] vertelde mij dat [verdachte]
(Het Hof begrijpt: [verdachte])thuis bij hem was geweest en hem had bedreigd met hem in de fik te steken.
verklaring van de betrokken arts van de emergency afdeling dr. I. Poulina:
Het Hof begrijpt [minderjarige 1])was/liep naast hem en toen heeft hij een 2e graads brandwond opgelopen ter hoogte van het rechteroor.
verklaring van de betrokken arts van de emergency afdeling dr. I. Poulina:
Het Hof begrijpt [minderjarige 2])was dicht bij hem in de buurt en hij heeft een 1e/2e graads brandwond opgelopen aan zijn linkervoet.
Moord.
Zware mishandeling, meermalen gepleegd.
BESLISSING
[benadeeldepartij 1]geleden schade toe tot een bedrag van
NAf 20.698, 96 (zegge: twintig duizend zeshonderdachtennegentig gulden en zesennegentig cent)aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 3 juni 2017 tot aan de dag van de voldoening, en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij;
[benadeeldepartij 1]gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging alsnog te maken;
[benadeeldepartij 2] (ouder [minderjarige1] en [minderjarige2])geleden schade toe tot een bedrag van
NAf 22.928,72 (zegge: tweeëntwintig duizend negenhonderdachtentwintig gulden en tweeënzeventig cent)(bestaande uit een bedrag van
NAf 533,72 (zegge: vijfhonderddrieëndertig gulden en tweeënzeventig cent)aan materiële schade en een bedrag van
NAf 22.395,00 (zegge: tweeëntwintig duizend driehonderdvijfennegentig gulden)aan immateriële schade), vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 3 juni 2017 tot aan de dag van de voldoening, en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij;
[benadeeldepartij 2] (ouder [minderjarige1] en [minderjarige2])gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging alsnog te maken.