ECLI:NL:OGHACMB:2018:279
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over ontslag en loondoorbetaling bij publiekrechtelijk lichaam FMA Aruba
In deze zaak stond het ontslag van [geïntimeerde], voormalig ambtenaar van het Land Aruba en daarna werknemer van FMA Aruba (FMAA), centraal. Na haar pensioen werd zij door FMAA in dienst genomen, maar haar arbeidsovereenkomst werd opgezegd wegens bezuinigingen. De eerste aanleg verklaarde het ontslag nietig en veroordeelde FMAA tot loondoorbetaling tot november 2015.
FMAA stelde in hoger beroep dat zij als publiekrechtelijk lichaam geen toestemming van de Directeur Arbeid nodig had voor het ontslag. Het Hof oordeelde dat het ontslagbeleid volledig in handen lag van het Land Aruba, waardoor FMAA gelijkgesteld kon worden aan een publiekrechtelijk lichaam. Hierdoor was de Landsverordening beëindiging arbeidsovereenkomsten niet van toepassing.
Het Hof stelde vast dat FMAA de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig kon opzeggen zonder toestemming, maar dat de opzegtermijn van een maand in acht genomen moest worden. Omdat het eerste ontslag werd ingetrokken, begon de opzegtermijn opnieuw bij het tweede ontslag. Daarom veroordeelde het Hof FMAA tot betaling van loon voor augustus 2014 met wettelijke verhoging en rente, en veroordeelde het [geïntimeerde] in de proceskosten.
Uitkomst: FMA Aruba moet loon betalen over augustus 2014 met wettelijke verhoging en rente, maar het ontslag is rechtsgeldig zonder toestemming Directeur.