Uitspraak
eerste aanleg)
hoger beroep)
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Miles Trucking & Heavy Equipment N.V. heeft in hoger beroep aangevochten dat zij een bindende afspraak had met de failliete N.V. Curaçaosche Dokmaatschappij (CDM) over vergoeding van bankkosten die voortvloeiden uit te late betalingen. Het Gerecht in eerste aanleg had de vordering afgewezen wegens onvoldoende bewijs. Het Hof bevestigt dit oordeel na beoordeling van getuigenverklaringen en aanvullende stukken.
De kern van het geschil betreft een bijeenkomst medio 2016 waarbij CDM aan aannemers voorstelde akkoord te gaan met betaling van 50% van hun facturen. Miles stelde dat tijdens deze bijeenkomst een toezegging is gedaan dat CDM ook de bankkosten zou vergoeden. Het Hof oordeelt dat de verklaringen hierover te vaag zijn en onvoldoende concreet om een bindende overeenkomst aan te nemen.
Ook is niet gebleken dat de omvang en aard van de kosten voldoende duidelijk aan CDM zijn medegedeeld. Verdere aanvullende bewijsaanbiedingen zijn niet concreet genoeg. De curator betwist de omvang van de vordering en het Hof volgt dit standpunt. De kostenveroordeling tegen Miles wordt gehandhaafd. Het vonnis van het Gerecht wordt bevestigd.
Uitkomst: De vordering van Miles tot vergoeding van bankkosten wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van een bindende afspraak.