Uitspraak
oorspronkelijk verzoeker, thans appellant,
1.Het verloop van de procedure
2.De gronden van het hoger beroep
3.Beoordeling
Verdrag betreffende de bevoegdheid der autoriteiten en de toepasselijke wet inzake de bescherming van minderjarigen, 's-Gravenhage, 5 oktober 1961), dat in Aruba medegelding heeft, moet worden geoordeeld dat de Arubaanse rechter onbevoegd is te oordelen over de verzoeken van de vader.
Verdrag inzake de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning, de tenuitvoerlegging [...] en maatregelen ter bescherming van kinderen, 's-Gravenhage, 19 oktober 1996), dat wat betreft de bevoegdheid in artikel 7 een Pro bijzondere regeling bevat voor kinderontvoering. Dit verdrag heeft echter geen medegelding in Aruba. Bovendien is niet gemotiveerd waarom, nu de moeder het eenhoofdig gezag heeft, sprake is van kinderontvoering als bedoeld in dit verdrag. Overigens is Aruba – anders dan Argentinië - niet aangesloten bij het Haags Kinderontvoeringsverdrag (HKOV:
Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen, 's-Gravenhage, 25 oktober 1980).