ECLI:NL:OGHACMB:2021:139
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- E.M. van der Bunt
- M.W. Scholte
- J. de Boer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid verzet tegen verstekvonnis wegens termijnoverschrijding
In deze zaak ging het om een hoger beroep tegen het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, waarin appellanten niet-ontvankelijk werden verklaard in hun verzet tegen een verstekvonnis wegens termijnoverschrijding. Het verstekvonnis betrof een hoofdelijke veroordeling van appellanten tot betaling aan NCC International Aktiebolag.
Het Hof heeft het vonnis van het Gerecht bevestigd. Het oordeelde dat de verzettermijn begon te lopen op de datum van betekening van het proces-verbaal van de openbare verkoop van aandelen, en dat het verzet te laat was ingesteld. De fictie van voltooide tenuitvoerlegging maakt dat de termijn niet kan worden verlengd, ook al was er discussie over daadwerkelijke kennis van het verstekvonnis.
Verder werd geoordeeld dat kwesties omtrent de bevoegdheid van de Curaçaose rechter, zoals forumkeuze, exorbitant forum arresti en immuniteit van jurisdictie, alleen in een tijdig ingesteld verzet aan de orde kunnen komen. Het Hof stelde dat de Curaçaose rechter ten tijde van het verstekvonnis niet verplicht was ambtshalve immuniteit van jurisdictie te toetsen.
Appellanten werden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het Hof verwierp alle klachten en bevestigde het bestreden vonnis.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het vonnis van niet-ontvankelijkheid van het verzet wegens termijnoverschrijding en veroordeelt appellanten in de kosten.