Uitspraak
[APPELLANT 1]
[APPELLANT 2]
[APPELLANT 3]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze zaak vorderen appellanten een recht van overpad (noodweg) over het perceel van geïntimeerde om hun perceel te bereiken. Het Hof heeft een comparitie ter plaatse gehouden en diverse stukken bestudeerd, waaronder getuigenverklaringen en luchtfoto’s.
Hoewel er in het verleden paden liepen die als noodweg werden gebruikt, is niet aangetoond dat deze paden een rechtens bindende noodweg vormen op grond van artikel 5:57 BW Pro. Er is geen sprake van een overeenkomst of erfdienstbaarheid die het gebruik van het pad rechtvaardigt. De aanwezigheid van een watermeter en het gebruik als familiegrond ('terra di famia') zijn onvoldoende om een noodweg aan te wijzen.
Het Hof oordeelt dat de weigering van geïntimeerde om het pad open te houden niet onrechtmatig is, omdat dit een beperking van haar eigendomsrecht betreft zonder dat zij daarvoor gecompenseerd is. Appellanten worden aangemoedigd om met de nieuwe eigenaren van omliggende percelen te overleggen over een mogelijke oplossing en schadeloosstelling te bieden indien een noodweg wordt aangewezen.
De zaak wordt verwezen voor nadere uitlatingen van appellanten, waarna verdere beslissing zal volgen.
Uitkomst: Het Hof wijst het verzoek tot aanwijzing van een noodweg af wegens ontbreken van een rechtens bindende erfdienstbaarheid of overeenkomst.