Uitspraak
Zaaknummer: H-159/22
Vonnis
[verdachte],
- het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van het in zaak C onder 2 ten laste gelegde (parketnummer 300.09944/20);
- de verdachte vrijgesproken van het in zaak C onder 1 ten laste gelegde (parketnummer 300.09944/20);
- bepaald dat aan de verdachte ten aanzien van het in zaak D bewezen verklaarde (parketnummer 300.00101/21) geen straf of maatregel wordt opgelegd;
- de verdachte ter zake van het in zaak A onder 1 primair en 2 (parketnummer 300.09655/21) in zaak B onder 1, 2 en 3 (parketnummer 300.03216/21) en in zaak C onder 3 (parketnummer 300.09944/20) ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van negen jaren met aftrek van het voorarrest met oplegging van de maatregel tot terbeschikkingstelling met dwangverpleging (tbs);
- beslissingen genomen ten aanzien van de in beslag genomen voorwerpen en de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen.
- de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het door hem ingestelde hoger beroep met betrekking tot zaak C (parketnummer 300.09944/20) en zaak D (parketnummer 300.00101/21);
- het vonnis van het Gerecht vernietigd en opnieuw rechtdoend de verdachte ter zake van het in zaak A onder 1 primair en 2 (parketnummer 300.09655/21) en in zaak B onder 1, 2 en 3 (parketnummer 300.03216/21) ten laste gelegde veroordeeld tot een jeugddetentie voor de duur van vier jaren met aftrek van het voorarrest en met oplegging van de maatregel plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ) voor de duur van twee jaren;
- bepaald dat het Gerecht geacht wordt geen straf of maatregel te hebben opgelegd voor de door het Gerecht bewezen verklaarde feiten in zaak C onder 3 en in zaak D;
- de teruggave gelast van in beslag genomen voorwerpen aan de rechthebbenden;
- de vorderingen van de benadeelde partijen (gedeeltelijk) toegewezen en de daarbij behorende schadevergoedingsmaatregel aan de verdachte opgelegd.
De ernst van de feiten
De persoon van de verdachte
- het strafblad van de verdachte;
- een psychologisch rapport van 31 maart 2025, opgemaakt door dr. M.J.L. Boekhoudt;
- een psychiatrisch rapport van 2 april 2025, opgemaakt door dr. D.J. Vinkers;
- een gedragsrapportage van S. Simmons van de maatschappelijke zorg, een psychologische rapportage van de gestichtspsycholoog J.S. Maduro en een detentierapport, allen van 14 maart 2025;
- een rapport van Fundashon Respaldo van 13 mei 2025, opgemaakt door psychiater N.A. Kingsdale;
- een reclasseringsrapport d.d. 14 mei 2025 opgemaakt door J. Albertus-Perez;
- een adviesrapport in het kader van de tbs-maatregel met voorwaarden van de reclassering van 1 september 2025;
- een adviesrapport van Fundashon Respaldo van 26 september 2025 opgemaakt door psychiater N.A. Kingsdale;
- een gezamenlijke schriftelijke toelichting van psycholoog Boekhoudt en psychiater Vinkers van 2 november 2025;
- een schriftelijke toelichting van de reclassering over de op te leggen voorwaarden in het kader van de tbs-maatregel met voorwaarden van 17 november 2025.
Toepassing van het volwassenstrafrecht
Recidiverisico en behandeladvies
Het toe te passen sanctiestelsel
De strafoplegging
De oplegging van de tbs-maatregel met voorwaarden
De uitvoerbaarheid van de tbs-maatregel met voorwaarden
Slotsom
BESLISSING
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren;
terbeschikkingstellingvan de verdachte en stelt daarbij ter bescherming van de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de volgende
voorwaardenbetreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde:
- de ter beschikking gestelde maakt zich niet schuldig aan een strafbaar feit;
- de ter beschikking gestelde verleent medewerking aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in dat de ter beschikking gestelde:
- de ter beschikking gestelde gaat niet naar een ander land zonder toestemming van de reclassering, zolang de reclassering dat nodig vindt;
- de ter beschikking gestelde laat zich opnemen in een nog nader te bepalen zorginstelling, Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC), te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. Een forensische setting met een toereikend beveiligingsniveau (minimaal niveau 3) is geïndiceerd. De opname start aansluitend aan de preventieve hechtenis/detentie. De opname duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De ter beschikking gestelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorginstelling dat nodig vindt. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt de ter beschikking gestelde mee aan de indicatiestelling en plaatsing;
- de ter beschikking gestelde laat zich ambulant behandelen door een nog nader te bepalen zorgverlener, te bepalen door de reclassering. Deze behandeling start aansluitend op de klinische opname. De behandeling duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De ter beschikking gestelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt;
- de ter beschikking gestelde verblijft in een nog nader te bepalen instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf start aansluitend op de klinische opname. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De ter beschikking gestelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;
- de ter beschikking gestelde gebruikt geen drugs en werkt mee aan controle op dit verbod. De controle gebeurt met urineonderzoek. De reclassering bepaalt hoe vaak de ter beschikking gestelde wordt gecontroleerd;
Afl. 16.070,19, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 115 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 februari 2022 tot aan de dag van de voldoening;
Afl. 4.050,-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 50 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 mei 2021 tot aan de dag van de voldoening;