ECLI:NL:OGHNAA:2007:BF4083
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- H.L. Wattel
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen uitspraak over heffing deviezenprovisie vernietigd en terugverwezen
De Centrale Bank van Aruba legde appellanten deviezenprovisie op voor betalingen aan het buitenland over 2003, 2004 en 2005. Appellanten maakten bezwaar, dat door de Bank werd afgewezen. Het Gerecht in eerste aanleg verklaarde het beroep van appellanten ongegrond. Appellanten stelden hoger beroep in tegen deze uitspraak.
Het Hof oordeelde dat het Gerecht ten onrechte bepaalde beroepsgronden buiten beschouwing had gelaten omdat deze niet in bezwaar waren aangevoerd. Volgens het Hof moeten ook nieuwe gronden in hoger beroep worden betrokken voor een volledige inhoudelijke beoordeling.
Daarom vernietigde het Hof de uitspraak van het Gerecht en verwees de zaak terug om de behandeling te hervatten in de stand waarin deze zich bevond, met inachtneming van de overwegingen van het Hof. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellanten teruggegeven.
Het Hof benadrukte dat de wetgever met de invoering van het hoger beroep beoogde dat zaken in beginsel in twee rechterlijke instanties inhoudelijk worden beoordeeld. Het Hof gaf daarmee invulling aan het recht op een volledige en zorgvuldige rechtsgang.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraak van het Gerecht vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling.