ECLI:NL:OGHACMB:2021:396
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- E.A. Saleh
- J.Th. Drop
- T.G.M. Simons
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek terugkomen beëindiging ongevallengeld na bedrijfsongevallen
Appellant, werkzaam bij een beveiligingsbedrijf, had in 1997 en opnieuw in 2014 bedrijfsongevallen gehad, waarna de Sociale Verzekeringsbank (SVB) ongevallengeld toekende. Na beëindiging van dit ongevallengeld in 2016 en later ook van ziekengeld in 2018, stelde appellant bezwaar en beroep in tegen deze besluiten. Het Gerecht verklaarde deze beroepen ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat de vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid onjuist was en dat de SVB onterecht ziekengeld gebruikte om ongevallengeld te onthouden. Het Hof stelde vast dat appellant het oordeel over het bezwaar tegen de beëindiging van ziekengeld niet had aangevochten in hoger beroep en dat het Gerecht een onjuiste toetsingsmaatstaf had gehanteerd bij de beoordeling van het verzoek om terug te komen op de beëindiging van ongevallengeld.
Desondanks oordeelde het Hof dat de SVB terecht en gemotiveerd het verzoek had afgewezen, omdat appellant niet met medische stukken had aangetoond dat de medische beoordeling onjuist was. Ook was er geen bewijs dat de SVB oneigenlijk gebruik had gemaakt van haar bevoegdheid. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerecht bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerecht bevestigd.